Vliegensvlug naar Bruegels heksen

Recensie

In een periode met de nodige blockbusters (Keith Haring, Van Gogh en Munch en tweemaal Turner) moet een minder bekend museum opvallen, wil het bezoekers trekken. Museum Catharijneconvent is daarin geslaagd. Al voor de opening was zijn nieuwste tentoonstelling onderwerp van gesprek. Heksen spreken nu eenmaal tot de verbeelding. De heksen van Bruegel heeft het in zich een groot succes te worden.

Door: Evert-Jan Pol

Pieter Bruegel, Jacobus bij de tovenaar, 1565, Rijksmuseum, Amsterdam.

Pieter Bruegel, Jacobus bij de tovenaar, 1565, Rijksmuseum, Amsterdam.

 

In samenwerking met Musea Brugge laat het Utrechtse museum zien hoe het heksbeeld zich in de loop der tijd ontwikkelde. Dat doet het met een indrukwekkende selectie voorstellingen uit de roerige periode van heksenvervolgingen in de Nederlanden (1450-1700). De titel verwijst naar de man die in zijn eentje verantwoordelijk was voor hoe wij ons tegenwoordig heksen voorstellen: vliegend op een bezem en kokend in een pot.

Het is voor het eerst dat de heks in de kunst het onderwerp is van een grote tentoonstelling. Het idee komt van de Vlaamse kunsthistorica Renilde Vervoort, die op dit onderwerp promoveerde. “Ik kwam tot de ontdekking dat in zeventiende-eeuwse kunst heksen heel makkelijk te herkennen zijn. Maar in zestiende- en vijftiende-eeuwse voorstellingen was dit veel minder duidelijk. Ik vroeg me af hoe dit kwam.”

De reden heet Pieter Bruegel de Oude (1526/1530-1569). In opdracht van de Antwerpse uitgever Hieronymus Cock maakte deze Brabantse kunstenaar in 1565 de prent Sint-Jacob bij de tovenaar. Een voor het moderne publiek duidelijk herkenbare heks vliegt het beeld uit. Dat een heks kon vliegen, en wel op een bezem, kwam niet uit Bruegels brein. Hij haalde dat idee uit een oud manuscript, maar hij was wel degene die voor het eerst een heks op een bezem schílderde. Hij voegde er een zwarte kat en een kookpot aan toe. Die hij binnenshuis plaatste, zodat de toverkol op een rookpluim de schoorsteen uit zou kunnen vliegen.

Frans Francken II, Heksenbijeenkomst, 1607, Kunsthistorisches Museum Wenen.

Frans Francken II, Heksenbijeenkomst, 1607, Kunsthistorisches Museum, Wenen.

 

De prent kwam in omloop en inspireerde andere kunstenaars volop. Een van Bruegels belangrijkste navolgers was Frans Francken II (1581-1642). Met zijn atelier maakte deze Antwerpse kunstenaar vele schilderijen en tekeningen over heksen. Een prachtig voorbeeld is Heksenbijeenkomst uit 1607. Conservator Dunja Nadjézjda Hak noemt het schilderij een “actiefilm”, en die benaming is zeker niet overdreven. Het stuk zit boordevol leven, dat bijna uit de lijst knalt. Op de achtergrond zijn de invloeden van Bruegel duidelijk zichtbaar: heksen bij een kookpot en op een bezem.

De pot staat buiten en niet in de haard, zoals op Bruegels prent wel het geval is. Maar op andere heksenvoorstellingen van Francken is dat beeld wel present. In de Heksenkeuken, bijvoorbeeld, waarvan het museum niet minder dan vier verschillende versies toont. De compositie is steeds gelijk – met verleidelijke vrouwen die zich uitkleden – maar de uitwerking verschilt per werk. Het is vrij bijzonder dat deze vier schilderijen, uit even zoveel collecties, naast elkaar hangen.

Vliegen op de Vliegzolder. Foto: Evert-Jan Pol.

Vliegen op de Vliegzolder. Foto: Evert-Jan Pol.

Dat geldt ook voor de aanwezigheid van vroege manuscripten en juridische handboeken, die de expositie openen. “Toen ze binnenkwamen, was ik er even stil van”, vertelt Nadjézjda Hak. Het is voor het eerst dat ze zich in één ruimte bevinden. Één blad valt direct op: een pagina uit Le Champion des Dames, uit 1451. In de kantlijn vliegen de twee heksen die Bruegel ruim een eeuw later inspireerden. Deze bladzijde gaf de aanzet voor het heksbeeld dat we nu nog steeds kennen.

Een beeld waar het Catharijneconvent in de tentoonstelling op ludieke wijze mee speelt. Een kleine kamer, voor de gelegenheid omgedoopt tot Vliegzolder, biedt ruimte aan een bezem. Neem plaats, zet de 3d-bril op, en vlieg met wind door de haren door de schoorsteen naar buiten. De vlucht is niet alleen voor kinderen een geweldige ervaring.

Des vaudoises, uit Le Champion des Dames, 1451, Bibliothèque nationale de France, Parijs. Foto: Evert-Jan Pol.

Des vaudoises, uit Le Champion des Dames, 1451, Bibliothèque nationale de France, Parijs. Foto: Evert-Jan Pol.

Als er één museum is dat begrijpt hoe het een expositie moet vormgeven, is het het Catharijneconvent wel. Als het even kan, zorgt het voor een twist, zodat de aandacht van de bezoeker erbij blijft. De Vliegzolder is er één en de heksenwaag – waarop een ieder kan uitvinden of hij of zij een heks is – is een andere. Ze zorgen voor een beetje humor in deze zowel letterlijk als figuurlijk donkere presentatie. Maar ook zonder deze toevoegingen is De heksen van Bruegel een zeer fijne expositie, die een breed publiek verdient. Dus spring op je bezem en vlieg er snel heen!

De heksen van Bruegel, t/m 31 januari 2016 in Museum Catharijneconvent, Utrecht en van 25 februari t/m 26 juni 2016 in het Sint-Janshospitaal, Brugge

Waardering: @@@@@@@@@@

Share