Ode aan Scandinavië

Recensie

Het mooiste wat het hoge noorden van Europa aan kunst te bieden heeft, is tijdelijk te zien in het hoge noorden van Nederland. Het Groninger Museum presenteert Nordic Art, een ode aan de volken en culturen van de Noordse landen. Maar de tentoonstelling is bovenal een terecht eerbetoon aan de schilderkunst uit Scandinavië.

Peder Severin Krøyer, Zomeravond op het zuidstrand, Skagen. Anna Ancher en Marie Krøyer, 1893, olieverf op doek, The Hirschsprung Collection, Kopenhagen.

Als het om kunst gaat, is Scandinavië niet het bekendste gebied. Edvard Munch (1863-1944) – en dan voornamelijk diens De Schreeuw – doet bij velen een belletje rinkelen en Cobra-kunstenaar Asger Jorn is menigeen wellicht ook niet geheel vreemd. Maar de meeste kunstenaars uit het Europese noorden blijven qua wereldfaam ver achter. De laatste tijd mag Noordse kunst zich echter in een toenemende belangstelling verheugen. Europese en Amerikaanse musea geven Scandinavische kunstenaars steeds vaker de belangstelling die ze verdienen. De expositie in Groningen is het eerste overzicht in Nederland.

Munchs De Schreeuw ontbreekt, want dat is zo’n werk dat het eigen huis (in dit geval het Munch Museum in Oslo) niet snel zal verlaten. Als een van de meest vooraanstaande Scandinavische kunstenaars is Munch uiteraard wél van de partij. Bijvoorbeeld met het grote Portret van professor Daniel Jacobson uit 1908, dat qua kleurgebruik en stijl doet denken aan zijn beroemdste schilderij.

Carl Wilhelmson, De baai, 1901, olieverf op doek, Malmö Art Museum, Zweden.

Rijkelijk vertegenwoordigd is Anders Zorn (1860-1920), die een hele zaal tot zijn beschikking heeft. Het overgrote deel van het getoonde is afkomstig uit het Zorn Museum in Mora. Opvallend is een serie van 25 werkjes in één lijst, waaruit blijkt dat de Zweed een meester was op een klein oppervlak. En ook op groter formaat toonde hij zijn vakmanschap. Het prachtige naakt De luitspeler uit 1918 is een van de hoogtepunten op de tentoonstelling.

Richard Bergh, Na het poseren, 1884, olieverf op doek, Malmö Art Museum, Zweden.

Een opmerkelijke naam is die van prins Eugen (1865-1947), de jongste zoon van koning Oscar II van Zweden en Noorwegen. Hij schilderde uitsluitend landschappen, waarvan het Groninger Museum er twee uiteenlopende toont: het eenvoudig ogende en ingetogen doek Het oude kasteel, uit 1893 en het meer uitgesproken Rökar, de oliefabriek (1906-1907). Het vuur spat er bijna letterlijk vanaf.

Hugo Simberg, Finse elegie, 1895, tempera op doek, particuliere collectie.

Deze twee werken symboliseren de verscheidenheid in stijlen op de expositie. Die belicht de periode tussen 1880 en 1920, waarin verschillende stijlen naast elkaar voorkwamen. Realisme (De beeldhouwer Andreas F.V Hansen en zijn vrouw, van Ejnar Nielsen), naturalisme (Een greppel uitbaggeren, van Erik Theodor Werenskold), impressionisme (Zomeravond op het zuidstrand, van Peder Severin Krøyer) en pointillisme (Badende jongens, van Verner Thomé); Nordic Art biedt het allemaal en is daardoor een tentoonstelling met voor ieder wat wils.

Ze is een aanrader voor zowel liefhebbers van goede kunst als Scandinaviëfans. Nordic Art zorgt voor (hernieuwd) respect voor de Noordse kunstenaars. En de vele fraai in beeld gebrachte landschappen wekken zin op om direct de trein of het vliegtuig te nemen naar Scandinavië.

Nordic Art 1880 – 1920, t/m 5 mei in het Groninger Museum, Groningen

Waardering: @@@@@@@@@@

Share