Meesterlijke expositie over genie Jheronimus Bosch

Recensie

De Britse krant The Guardian noemt Jheronimus Bosch – Visioenen van een genie nu al een van de belangrijkste exposities van deze eeuw. Of dat echt zo is kunnen we pas over 84 jaar met zekerheid zeggen, maar superlatieven zijn zeker op zijn plaats. De tentoonstelling is meesterlijk.

Door: Evert-Jan Pol en Suzanne Sanders

 

Heremietentriptiek, ca. 1495-1505, Venezia, Gallerie dell’Accademia. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

Heremietentriptiek, ca. 1495-1505, Venezia, Gallerie dell’Accademia. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

 

En belangrijk is ze inderdaad ook. Het is voor het eerst dat het overgrote deel van Jheronimus Bosch’ oeuvre op één plek te zien is. Het Noordbrabants Museum toont 18 van de 25 bewaard gebleven schilderijen en 19 van de 20 tekeningen. Daardoor mag de presentatie gerust uniek genoemd worden.

Geen wonder daarom dat pers uit binnen- en buitenland in groten getale naar ‘s-Hertogenbosch toog voor een eerste blik op de langverwachte expositie. Die pers liet zich vervolgens zó lovend uit dat de online ticketshop gisteren al snel overbelast raakte. Nu al zijn er 100.000 tickets verkocht. Het moet gek lopen, wil Jheronimus Bosch – Visioenen van een genie, die morgen voor publiek opent, niet dé blockbuster van het jaar worden.

Het Noordbrabants Museum en de gemeente ’s-Hertogenbosch verdienen zo’n succes ook, want beide partijen hebben een bewonderenswaardig karwei geklaard. In 2001 werd het zaadje voor dit grote overzicht al geplant. In dat jaar liep er in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam een tentoonstelling over Bosch. Burgemeester Ton Rombouts (nu nog steeds de burgervader) van Den Bosch vond dat ook Bosch’ geboortestad de kunstenaar moest eren met een expositie.

 

Jheronimus Bosch, De Landloper (detail), 1500-10, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Foto: Evert-Jan Pol.

Jheronimus Bosch, De Landloper (detail), 1500-10, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Foto: Evert-Jan Pol.

 

Maar ga er maar aan staan: de stad bezit zelf geen enkel werk van de kunstenaar en Het Noordbrabants Museum is relatief klein. Om de slagingskans te vergroten ontstond in 2007 het idee voor een groot onderzoeksprogramma, het Bosch Research and Conservation Project. Veel buitenlandse musea bleken in ruil voor onderzoek en eventuele restauratie van hun werk van Bosch wel bereid het een en ander uit te lenen. Exact 500 jaar na Bosch’ dood is het leeuwendeel van zijn werk weer terug in de stad waar hij het maakte.

De schilder kwam rond 1450 in Den Bosch ter wereld als Jeroen van Aken. Pas zo’n 40 jaar later werd hij Jheronimus Bosch. Het schilderij Johannes op Patmos – Passie (1490-95) is het eerste werk dat hij met die naam signeerde. Als Jheronimus (de Latijnse versie van zijn eigenlijke voornaam) presenteerde hij zich nadrukkelijk als geleerd en zelfverzekerd schilder.

De achternaam Bosch koos hij hoogstwaarschijnlijk omdat hij wilde dat klanten hem konden vinden. Ze hadden kunnen denken dat hij in de Duitse stad Aken woonde. Voor- en achternaam passen perfect bij elkaar: volgens oude geschriften betekent Hieronymus heilig bos.

Hij was op veel gebieden een voorloper. Mensen op schilderijen waren tot Bosch ten tonele verscheen voornamelijk bijbelse figuren en heiligen. Hij was de eerste die een landloper schilderde. Ook was zijn interpretatie van de weg naar de hemel – een tunnel van licht – geheel nieuw. Met het werk Ecce Homo was hij zijn tijd ook ver vooruit. Hierop gaf hij sommige personages tekst, als in een stripverhaal. En geen enkele kunstenaar voor hem zag de tekening als een op zichzelf staand werk, maar meer als studie of schets. Zo niet Bosch: zijn tekeningen waren zelfstandige kunstwerken.

 

Jheronimus Bosch, Visioenen van het Hiernamaals, ca. 1505-15, Venezia, Museo di Palazzo Grimani. Van links naar rechts, De weg naar de hemel: Het aards paradijs, De tenhemelopneming van de gelukzaligen, De weg naar de hel: De val van de verdoemden, De rivier naar de hel. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

Jheronimus Bosch, Visioenen van het Hiernamaals, ca. 1505-15, Venezia, Museo di Palazzo Grimani. Van links naar rechts, De weg naar de hemel: Het aards paradijs, De tenhemelopneming van de gelukzaligen, De weg naar de hel: De val van de verdoemden, De rivier naar de hel. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

 

Hellelandschap bijvoorbeeld, is een uiterst gedetailleerde tekening, vol bizarre monsters en gedrochten. Het werk is voor het eerst als een echte Bosch te zien. Lang stond het te boek als een werk van een anonieme kunstenaar. Begin vorig jaar schreef het Bosch Research and Conservation Project de tekening toe aan Bosch. De tekening oogt dan ook typisch boschiaans en toont de hel, een plek waar je echt niet wil zijn. Mensen zitten op het scherpe lemmet van een mes, anderen fungeren als klepels van een klok en menigeen eindigt in de kookpot.

Bosch grossierde in wonderlijke wezens die uit dromen afkomstig lijken. Zo ook op het fantastische Hooiwagentriptiek, dat voor het eerst sinds 1570 weer terug is in Nederland. De Spaanse koning Filips II kocht het drieluik in dat jaar en sindsdien verliet het Spanje nooit meer. Het verhalende werk laat een stoet mensen zien die achter een hooiwagen aanloopt, regelrecht de hel in. Vreemde creaturen trekken de wagen voort.

 

Jheronimus Bosch, Hooiwagentriptiek (detail), 1510-16, Museo Nacional del Prado. Foto: Evert-Jan Pol.

Jheronimus Bosch, Hooiwagentriptiek (detail), 1510-16, Museo Nacional del Prado. Foto: Evert-Jan Pol.

 

Op de voorgrond schilderde de kunstenaar middeleeuwse taferelen met dronken monniken, tandentrekkers, vrolijke muzikanten en toekomst voorspellende zigeuners. De hooiwagen is daarmee een van de eerste schilderijen uit de kunstgeschiedenis waarop alledaagse taferelen staan. Dit werk is dus weer een voorbeeld van Bosch’ vooruitstrevendheid. In zijn tijd was hij misschien zelfs wel een genie, zoals de samenstellers van de expositie hem in de titel dopen.

Er is veel te zien op De hooiwagen en de bezoeker kan alles ook goed tot zich nemen. Het triptiek en alle andere werken hangen achter opvallend helder glas, dat het mogelijk maakt om erg dichtbij te komen, zonder de panelen te raken. Bij meerluiken zijn ook de achterzijdes zichtbaar. De prachtige presentatie is tot in de puntjes verzorgd. De ruimte zelf is donker, maar de werken zijn stuk voor stuk geweldig verlicht. Lage verlichting zorgt voor rust en focus op die bekende bizarre details die zo goed blijven hangen.

Het museum vertelt met de tentoonstelling een helder verhaal over een van de grootste middeleeuwse schilders uit de geschiedenis. De interessante audiotour voegt veel toe en is de extra 3 euro zeker waard.

heronimus Bosch, Hellelandschap, pen met bruine inkt op papier, privécollectie. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

Jheronimus Bosch, Hellelandschap, pen met bruine inkt op papier, privécollectie. Foto Rik Klein Gotink en beeldverwerking Robert G. Erdmann voor het Bosch Research and Conservation project. Met speciale medewerking van Museo Nacional del Prado.

De expositie over Bosch toont aan dat een museum niet groot en wereldberoemd hoeft te zijn om een presentatie van formaat neer te zetten. Het is niet minder dan bijzonder dat de samenstellers bijna het hele oeuvre bij elkaar hebben gekregen. Het team verdient daar veel respect voor. Het drieluik Tuin der Lusten ontbreekt, maar het museum heeft ook niet de moeite genomen dat te vragen, want het Prado leent de ‘Nachtwacht van Spanje’ nooit uit. Het is geen gemis; de tentoonstelling is perfect zoals ze is.

Jheronimus Bosch – Visioenen van een genie, van 13 februari t/m 8 mei in Het Noordbrabants Museum, ’s-Hertogenbosch. De tentoonstelling is het hoogtepunt van het Jeroen Bosch-jaar.

Waardering: @@@@@@@@@@

Meer van Suzanne Sanders

Share