Verrassend leuke dromen in beton

Recensie

Er zijn tentoonstellingen waarvan je vooraf weinig verwacht, maar die uiteindelijk toch positief weten te verrassen. Dromen in beton in het Centraal Museum is daar een goed voorbeeld van. Een expositie over twee Utrechtse bouwprojecten kan dus toch boeiend zijn.

Tekst en foto’s: Evert-Jan Pol

Detail uit de ‘designflat’ in de tentoonstelling.

Toen ik hoorde dat het Centraal Museum een tentoonstelling ging maken over Hoog Catharijne, liep ik niet over van enthousiasme. Lang was het overdekte winkelcentrum een nogal mistroostige plek, waar menig Utrechter niet graag vrijwillig verbleef. Geen onderwerp voor een vermakelijke expositie, zou je denken. Toch slaagde het museum erin mijn aandacht vast te houden.

Al direct aan het begin blijkt dat de presentatie er heel anders uitziet dan ik me had voorgesteld. Geen oude foto’s van bouwkranen bij panden in aanbouw. Wel te zien is een soort flat met daarin allerlei producten: van meubels tot radio’s. Wat is dit nu? Ben ik per ongeluk beland bij een designexpositie?

DAF 600 prototype #13, 1957, Louwman Museum.

Neen! Dromen in beton blijkt behalve over de bouw van Hoog Catharijne en de wijk Kanaleneiland meer nog te gaan over Nederland in de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog. Een tijd waarin de ontwikkelingen elkaar in ras tempo opvolgden.

Detail uit de ‘designflat’ in de tentoonstelling.

Met de bouw van Kanaleneiland in de jaren vijftig en begin zestig kwam de droom van duizenden Utrechters uit. Eindelijk kregen zij een moderne lichte woning met de nieuwste voorzieningen. De woningen die Gerrit Rietveld ontwierp – ja, die van de stoelen – stonden destijds in de informatiefolder beschreven als “ideale superflats”. De appartementen waren voor die tijd futuristisch, met een huistelefoon, boodschappenlift, fluorescerende drukschakelaars en een moderne keuken.

In dergelijke woningen hoorde een modern interieur, met duurzame meubelen van hout en pitriet (rotan) en kunststoffen. Het opengewerkte appartementencomplex dat de tentoonstelling aftrapt, is gevuld met meubels die nieuw waren in de jaren 50 en 60 en inmiddels gerust designklassiekers mogen heten. De opvallende vierkleurige naaidoos van Joos Teders uit 1955 zou nog steeds niet misstaan in een interieur – maar nu vermoedelijk meer als opbergmeubeltje voor sieraden of prullaria.

Achter de flat hangen originele reclameposters die tijden van weleer doen herleven. We kunnen het ons niet meer voorstellen, maar ooit was de televisie een nieuwe uitvinding. Wie er één had, ging daar met het hele gezin, of misschien zelfs met de hele straat van genieten. Een affiche van Philips uit 1957 verbeeldt dat treffend: zes mensen op en naast een bak kijken verwonderd naar de beeldbuis.

De jongste dochter des huzes draagt een vrolijke jurk in kanariegeel, een kleur die steeds vaker een plek kreeg in de garderobe. De mode-industrie was booming. De kleding zelf werd niet alleen korter maar ook een stuk opvallender met felle kleuren en kekke dessins. In een ‘appartement’ iets verderop schetsen enkele authentieke kledingstukken het modebeeld van die tijd.

(Tekst gaat verder onder de foto’s)

Reclame voor een televisie van Philips uit 1957.

Naaidoos van Joos Teders uit 1955 (links) en bijzettafel IJhorst van Constant Nieuwenhuys, uit 1953.

Garderobe.

Nederlanders kregen meer te besteden en konden zich dus enige luxe veroorloven, zoals een televisie en mooie kledij. Tegenwoordig kopen steeds meer mensen hun spullen online, maar in de drie naoorlogse decennia was een fysiek bezoek aan een winkel nog noodzakelijk. Hoog Catharijne, het eerste grote overdekte winkelcentrum van Nederland kwam dan ook als geroepen.

Frank Halmans, Stofzuigerflat, 2007, Centraal Museum.

Toen het plan voor het winkelcentrum eind 1962 naar buiten kwam, reageerde vrijwel de gehele Utrechtse bevolking positief. Tijdens de opening elf jaar later was de stemming echter volledig omgeslagen. Terwijl prinses Beatrix Hoog Catharijne feestelijke opende, protesteerden buiten duizenden demonstranten.

Een van de redenen van het protest was de voorgenomen sloop van het art-nouveaugebouw van levensverzekeringsmaatschappij De Utrecht. Dat moest wijken voor nieuwbouw. Het mocht niet baten: Utrecht was begin jaren zeventig een prachtig monumentaal gebouw armer en een ontiegelijk lelijk winkelcentrum rijker. Sommigen noemden het zelfs de lelijkste plek van Nederland. De vele heroïneverslaafden en alcoholisten die er al snel een onderkomen vonden, deden de reputatie van Hoog Catharijne definitief de das om.

De geschiedenis van Hoog Catharijne en de nabijgelegen wijk Kanaleneiland komt op boeiende wijze aan bod in de verrassend leuke tentoonstelling Dromen in beton. Die bovendien een fraai tijdsbeeld schetst.

Dromen in beton, t/m 19 januari 2020 in het Centraal Museum, Utrecht

Waardering: @@@@@@@@@@

Share