Drenthe, paradijs voor schilders

Recensie

De expositie The Glasgow Boyswaar ik al eerder over schreef – opent met enkele landschappen die heel Nederlands aandoen. De Schotse schilders hadden ze zomaar in Drenthe gemaakt kunnen hebben. Dat is niet het geval, maar veel andere kunstenaars togen wel naar de noordelijke provincie om daar te schilderen. In een kleine expositie toont het Drents Museum uit eigen collectie een aantal mooie resultaten.

Door: Evert-Jan Pol

 

Vincent van Gogh, De Turfschuit, 1883, olieverf op doek, collectie Drents Museum.

Vincent van Gogh, De Turfschuit, 1883, olieverf op doek, collectie Drents Museum.

 

Voor kunstenaars was negentiende-eeuws Drenthe een waar paradijs. Ze zagen de provincie als het laatste ongerepte gebied van Nederland. De modderige verbindingswegen en het gebrek aan moderne voorzieningen namen ze op de koop toe. In de kunstwereld werd ‘Drentsch’ een handelsmerk dat stond voor een oeroud landschap met uitgestrekte heidevelden, mysterieuze hunebedden en schilderachtige dorpen. De landschappen van deze kunstenaars droegen bij aan de beeldvorming van Drenthe.

De beroemdste schilder die er inspiratie zocht en vond was Vincent van Gogh. Deze verbleef in 1883 drie maanden in Drenthe en raakte daar diep onder de indruk. “Ik geloof dat ik mijn landje heb gevonden hoor”, schreef hij enthousiast aan zijn broer Theo. Het Drents Museum bezit één Van Gogh, De Turfschuit, dat een prominente plek inneemt op de tentoonstelling, aan de voet ervan.

 

Max Liebermann, Bleekveld te Zweeloo, 1882, olieverf op papier op paneel, collectie Drents Museum.

Max Liebermann, Bleekveld te Zweeloo, 1882, olieverf op papier op paneel, collectie Drents Museum.

 

Van Gogh bezocht onder meer het dorpje Zweeloo, waar hij zijn Duitse collega Max Liebermann hoopte te treffen. Hij was echter te laat, want die kunstenaar verbleef daar begin augustus tot eind oktober 1882 en was dus alweer weg. Ook Liebermann was zeer te spreken over de woeste natuur. Aan diens broer Felix schreef hij: “Ik zou haast geloven dat Ruisdael en Hobbema hier studies hebben gemaakt”.

Zelf maakte hij er onder meer een voorstudie in olieverf voor Bleekveld te Zweeloo, een van de belangrijkste schilderijen uit zijn vroege, naturalistische periode. Het Drents Museum kocht die studie in 2008.

 

Simon Moulijn (1866-1948), Drentse boerderij te Diphoorn (detail), 1894, langdurig bruikleen Gemeentemuseum den Haag. Foto: Evert-Jan Pol.

Simon Moulijn, Drentse boerderij te Diphoorn (detail), 1894, langdurig bruikleen Gemeentemuseum den Haag. Foto: Evert-Jan Pol.

 

De Turfschuit en Bleekveld te Zweeloo zijn twee hoogtepunten van de presentatie met zo’n vijftig schilderijen en werken op papier. Maar er hangt meer moois, zoals Hunebed in Drenthe van Hendrik Dirk Kruseman van Elten. Zijn zonsondergang straalt ons tegemoet. Heel opvallend is Simon Moulijns Drentse boerderij te Diphoorn. Met zijn roze lucht en rode bomen springt deze eruit tussen de andere meer naturalistische voorstellingen.

De werken tonen aan wat mij als geboren en getogen Drent natuurlijk niet verbaast: Drenthe was heel schildergeniek. En misschien zelfs wel een schildersparadijs.

Schildersparadijs Drenthe – Het landschap als inspiratiebron 1850-1930, t/m 15 mei 2016 in het Drents Museum, Assen

Waardering: @@@@@@@@@@

Share