Museum Arnhem toont geaarde kunst

Nieuws / Expositie

Minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap opent 15 februari in Museum Arnhem de tentoonstelling Geaarde Kunst. Door de Staat gekocht ’40-’45. Deze omvat kunst die de Nederlandse Staat in de Tweede Wereldoorlog kocht.

Gé Röling, De oogst, 1936. Tempera op doek. Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, langdurig bruikleen Museum Arnhem. Foto: Marc Pluim.

 

In die periode kocht de rijksoverheid meer kunst dan ooit te voren. Na de bevrijding werd de collectie opgeslagen in depots, inmiddels beheerd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Geaarde kunst verwijst naar de term entartete (ontaarde) Kunst, waarmee de Nazi’s ongewenste kunstwerken bestempelden.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK) verantwoordelijk voor kunstaankopen van de Nederlandse Staat. En NSB-er Tobie Goedewaagen (1895-1980) installeerde de Kultuurkamer, waarbij een kunstenaar aangesloten moest zijn om zijn beroep te kunnen uitoefenen. Er bestond tijdens de bezetting een sterke voorkeur voor (neo)realistische taferelen die het Holland dat de bezetter voor ogen had benadrukten.

De belangrijkste genres hierbij waren voorstellingen uit de natuur, zoals Hollandse landschappen, zee- en riviergezichten, stads- en dorpsgezichten en stillevens, figuurstukken en (zelf)portretten. Ook hechten de samenstellers van de collectie veel belang aan de ambachtelijke kant van het vak.

Jan Bor, Stilleven met groene fles, 1943. Olieverf op doek. Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, langdurig bruikleen Museum Arnhem. Foto: Peter Cox.

Dat de DVK-collectie zoveel bekende grootheden telt en een behoorlijk aantal werken van hoge kwaliteit, heeft te maken met de verantwoordelijk ambtenaar voor de aankopen, de NSB’er Eduard Gerdes (1887-1945). Gerdes was zelf kunstenaar en voor de oorlog lid van talrijke kunstenaarsgenootschappen. Hij kocht werken aan van befaamde grootheden als Karel Appel, Maurits Escher, Pyke Koch, Willem van Konijnenburg, Gerard Röling, Jan Sluijters en Carel Willink.

Museum Arnhem maakt deze ‘oorlogscollectie’ voor het eerst in de geschiedenis voor een groot publiek zichtbaar. De tentoonstelling stelt vragen aan de orde als: Waarom is veel van deze in de oorlog aangekochte collectie tot nu toe uit de openbaarheid gebleven? In hoeverre zijn deze werken bedoeld als een vorm van propaganda en waarin schuilt die propaganda dan? Zijn deze kunstwerken schuldig of besmet, en kan een kunstwerk überhaupt schuldig of besmet zijn?

Geaarde Kunst. Door de Staat gekocht ’40-’45, 17 februari t/m 24 mei in Museum Arnhem

Share