Kunstwerken uit museum logeren bij Schiedammers thuis

Vier kunstwerken uit de collectie van het Stedelijk Museum Schiedam logeren de komende maanden thuis bij verschillende Schiedammers. Het museum levert elk werk af bij vier mensen die er een week van mogen genieten. Daarna verhuist het naar het volgende logeeradres.

Süeda Işık met haar kunstlogé. Foto: Aad Hoogendoorn.

Stedelijk Museum Schiedam bedacht het project Kunstlogés omdat het vanwege renovatie gesloten is tot het najaar van 2021. Het liet zich inspireren door  Verhalenhuis Belvédère dat eerder dit jaar werk van Wally Elenbaas op estafette stuurde.

“Omdat je het werk nu niet kunt zien, komen we op deze manier naar je toe”, vertelt stadsprogrammeur Dorien Theuns. “We hopen dat de kunstlogés bij allerlei soorten mensen thuis komen, ook bij Schiedammers die niet zo snel over de drempel van het museum stappen.” Iedereen die een kunstlogé in huis neemt mag zelf bepalen aan wie hij of zij het werk doorgeeft.

De kunstlogés zijn van makers van nu en overleden kunstenaars. Twee zijn in Schiedam geboren en werk(t)en daar ook. Dat laatste geldt voor Piet van Stuivenberg (1901-1988), die ook in Schiedam overleed. Van Stuivenbergs titelloze werk is kleurrijk, net als Vogels op nest van Jaap Nanninga (1904-1962). “Ik zoek geen kleur, ik vind kleur”, zei hij ooit.

Wilco Garnaat met zijn kunstlogé. Foto: Aad Hoogendoorn.

De kunstlogé van Sarah van der Pols (1974) is figuratief. In haar Amae 23 herken je de bovenkant van een liggend persoon. De titel is Japans en staat voor de emotie ‘fijne afhankelijkheid’. Van der Pols woont en werkt in Schiedam.

Net als Sarah van de Pols is Jan Maarten Voskuil een hedendaags kunstenaar. Zijn schilderij, met als titel 6,4 cm, is een driedimensionaal werk. Hij laat zich inspireren door Theo van Doesburg, kunstenaar en oprichter van De Stijl. “Het hoeft niks voor te stellen”, zegt Voskuil over zijn werk waarvoor hij strenge wiskundige principes hanteert

Tijdens de logeerweek krijgen de deelnemers een dagboek om op te schrijven wat hen opviel. Ook hebben ze een gesprek met stagiair Dieneke. Süeda Işık vertelde haar dat het werk van Piet van Stuivenberg goed bij haar karakter past. “Ik vond het werk best komisch en de kleuren best donker en hard, zo voel ik mij eigenlijk ook wel.” In het dagboek schreef ze: “Ik zie dansende entiteiten, moderne dans. Het is alsof ze de chaos in het leven vertellen in een grap”.

Wilco Garnaat hing zijn ‘logé’ in de woonkamer aan de muur. De visite – een stel fladderende vogels op het nest van Jaap Nanninga – inspireerde hem bij het afmaken van zijn eigen kunstwerk. Hij schreef ook: “Door het interview (met Dieneke, red.) en de inspiratie die er van de actie uitgaat, ga ik zelf kijken hoe ik zelf kunst meer kan betrekken in mijn eigen projecten en leven.”

Jan Schrijver vertelt over zijn kunstlogé. Foto: Aad Hoogendoorn.

Jan Schrijver kreeg een driedimensionaal werk van Jan Maarten Voskuil. Hij noteerde: “Ik had er niet veel mee en ik heb er niet veel mee. Rustgevend is het wel.” Zijn vriendin Louise Melchers schreef: “Ik zie er een onbeschreven blad in, je kunt nog alle kanten op. Is het de eerste, maagdelijke pagina van een boek of zijn het juist de laatste onbeschreven, bladzijdes van een boek?”

Het werk van Sarah van der Pols hing bij de familie van Zahra Alkaebi. Haar dochter Huda houdt van tekenen en schilderen. In het dagboek citeert ze de Britse schrijver en dichter Oscar Wilde: “Art is the only serious thing in the world, and the artist is the only person who is never serious.” (Kunst is het enige serieuze in de wereld, en de kunstenaar is de enige persoon die nooit serieus is.) Ook plakte ze er een eigen schilderijtje in.

“We zijn heel benieuwd naar de verhalen in het dagboek, daar kunnen we veel van leren”, zegt Theuns. “Hoe kijkt iedereen op zijn of haar eigen manier naar het werk? En in hoeverre is het kunstwerk een conversation piece, een stuk om bij te praten over persoonlijke onderwerpen of maatschappelijke thema’s?”

De kunstlogés zijn geen reproducties, maar originele werken. “We vinden het natuurlijk wel spannend”, zegt Catrien Schreuder, hoofd tentoonstellingen en collecties van Stedelijk Museum Schiedam. “Het is niet echt gebruikelijk dat museumstukken bij mensen thuis aan de muur hangen. Het gaat om kwetsbare kunst, waarvan twee al meer dan zeventig jaar oud zijn.” Het museum brengt de schilderijen zelf en hangt ze op. Alle gastheren en -vrouwen krijgen een handleiding. “Daardoor zijn we er zeker van dat iedereen de werken met veel zorg zal behandelen.”

Share