Kunsthandel Buffa was van groot belang voor Singer Laren

Achtergrond

Kranten in 1938 schreven vol lof over de tentoonstelling die kunsthandel Buffa wijdde aan kunstenaar William Singer. Opus Mediae Vitae in de vestiging aan de Amsterdamse Kalverstraat bevatte 24 werken uit de periode 1900-1920. Bijna zeventig jaar later doet Singers eigen museum in Laren de expositie nog eens dunnetjes over.

Door: Evert-Jan Pol

 

William Henry Singer (1868-1943), Bergstroom in Noorwegen, 1911, Olieverf op doek, Singer Laren.

William Henry Singer (1868-1943), Bergstroom in Noorwegen, 1911, Olieverf op doek, Singer Laren.

 

Opus Mediae Vitae 2.0 in Singer Laren bestaat uit 14 van de 24 schilderijen. Ze bevinden zich in de collectie van het museum. “Deze werken bleven onverkocht”, vertelt directeur Jan Rudolph de Lorm. De overige 10 vonden wel een andere eigenaar, die er flink voor in de buidel moesten tasten, want de doeken waren behoorlijk kostbaar. Voor het geld hoefde Singer overigens niet te schilderen, want hij was multimiljonair.

Buffa presenteerde elke twee maanden een tentoonstelling in de Kalverstraat. De expositie over Singer vond plaats ter gelegenheid van diens zeventigste verjaardag. Singer was belangrijk voor Buffa, niet alleen als kunstenaar, maar ook als zeer goede klant. Een aanzienlijk deel (een kwart) van zijn verzameling kocht hij bij die kunsthandel. Veel van de werken belandden uiteindelijk in de collectie van het museum dat zijn naam draagt. Daarmee was Buffa van groot belang voor die instelling.

 

Jan Toorop, Oude eiken in Surrey, 1890, olieverf op doek, Stedelijk Museum Amsterdam.

Jan Toorop, Oude eiken in Surrey, 1890, olieverf op doek, Stedelijk Museum Amsterdam.

 

Niet zo gek daarom dat Singer Laren deze kunsthandel nu eert met een grote tentoonstelling, waarvan Opus Mediae Vitae een klein onderdeel is. De expositie Schoonheid te koop vertelt het verhaal van de firma Frans Buffa & Zonen, die tussen 1775 en 1951 een belangrijke rol speelde in de internationale prenten- en schilderijenhandel. De zaak verkocht werk van kunstenaars als Vincent van Gogh, Jozef Israëls, Auguste Rodin, Kees van Dongen, Jan Sluijters en Piet Mondriaan. Niet alle kunstenaars waren al even bekend. “Buffa maakte hen groot”, aldus De Lorm.

Jacobus Slagmulder, die van 1884 tot 1921 aan het roer stond, deed bijvoorbeeld goede zaken voor Hendrik Johannes Weissenbruch. “Hij gaf hem de opdracht polderlandschappen te maken voor de Amerikaanse markt. Maar ze moesten wel staand zijn. Hij speelde daarmee in op de vraag.”

Kees van Dongen, La Dame au jabot, 1911, olieverf op doek, particuliere collectie.

Kees van Dongen, La Dame au jabot, 1911, olieverf op doek, particuliere collectie.

De relaties tussen de kunsthandelaar en zijn kunstenaars, klanten en verzamelaars loopt als een rode draad door de tentoonstelling. Voor de nodige achtergrondinformatie kon Singer Laren putten uit het bedrijfsarchief van de kunsthandel. Het RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis, kreeg dat in 2015 van de kleinzoon van Joop Siedenburg, eigenaar vanaf 1921. Dit archief bevat onder meer correspondentie met kunstenaars, (kunst)handelaren en particulieren. Dankzij dit materiaal konden Singer Laren en het RKD samen een goed beeld schetsen van het reilen en zeilen van een kunsthandel.

Schoonheid te koop. Kunsthandel Frans Buffa & Zonen t/m 8 januari 2017 in Singer Laren

Share