Jacob Riis gaf arme New Yorker een gezicht

Recensie

De Deense immigrant Jacob Riis arriveerde op 21-jarige leeftijd platzak in New York. Het was 1870 en de leefomstandigheden van de arme inwoners van de Lower East Side waren bar en boos. Omdat hij het zelf ook bepaald niet breed had, trok hij hun lot aan. Hij legde hen daarom vast op indrukwekkende foto’s.

Tekst: Evert-Jan Pol

Street Arabs in sleeping quarters, 1888-1889, © Jacob Riis, Museum of the City of New York.

De naam Jacob Riis hoorde ik voor het eerst in zijn geboortestad Ribe in 2015, tijdens een rondleiding. De gids nam zijn gezelschap mee langs belangrijke plekken, waaronder het geboortehuis van de beroemde zoon, die het ver zou schoppen in de Verenigde Staten. De oudste stad van Denemarken is dusdanig trots op Riis dat ze werkt aan een museum, in dat geboortehuis.

In fotografiemuseum Foam is over hem nu een tentoonstelling te zien, de eerste ooit in Nederland. Omdat er hier niet eerder uitgebreide museale aandacht voor hem was, is het niet heel vreemd dat ik hem pas betrekkelijk laat leerde kennen. In Amerika is zijn naam een stuk bekender: hij groeide er uit tot een belangrijk journalist en schrijver. Tegenwoordig geldt hij bovendien als een van de grondleggers van de documentairefotografie.

(Tekst gaat verder onder de foto’s)

Zaaloverzicht. Foto: Evert-Jan Pol.

Negatievenopschrijfboekje van Jacob Riis, ca. 1900, Museum of the City of New York. Foto: Evert-Jan Pol.

An Italian Home under a Dump, 1892 © Jacob Riis, Museum of the City of New York.

Riis (1849-1914) wilde rijkere Amerikanen ervan overtuigen dat de leefomstandigheden van de minder fortuinlijken, ofwel the other half (de andere helft) moest verbeteren. Dit deed hij met onder meer lezingen, die hij kracht bijzette met zijn foto’s. Hij projecteerde ze met een toverlantaarn, waardoor zijn lezingen een groot publiek trokken.

Rond 1900 was Riis een gevierd schrijver, journalist en publiek spreker die wist hoe hij invloedrijke vrienden als Theodore Roosevelt kon raken om hervormingen door te voeren. Toen laatstgenoemde president van de Verenigde Staten was, noemde die Riis Amerika’s nuttigste burger.

De geboren Deen kreeg dan ook veel gedaan op het gebied van huisvesting van arme mensen. Zijn boek How the Other Half Lives: Studies among the Tenements of New York droeg daar veel aan bij. Deze publicatie uit 1890 motiveerde wetgevers de nodige hervormingen aan te brengen.

Bandits’ Roost, 1887-1888 © Jacob Riis, Museum of the City of New York.

Wie de foto’s ziet, snapt dat daar ook dringend behoefte aan was. Ze tonen in de openlucht slapende kinderen en mensen met een armzalig dak boven hun hoofd. De foto’s van Riis zijn niet vrolijk, maar drukten de fortuinlijke helft met de neus op de feiten.

De foto’s tonen niet alleen de destijds heersende armoede, ze vormen ook een prachtig tijdsbeeld van het New York van eind negentiende eeuw. Een tijd waarin bijna alle mannen nog hoeden of petten droegen, hoe arm ze ook waren.

De afdrukken in de tentoonstelling The Other Half zijn veelal klein, dus je moet ze aandachtig bekijken. En dat verdienen deze historische documenten ook. Voor wie ze thuis nog eens in alle rust tot zich wil nemen, is er een fraai en rijkelijk geïllustreerd koffietafelboek. Met nog veel meer portretten van ‘de andere helft’.

The Other Half – The Activist Photography of Jacob Riis, t/m 15 april in Foam, Amsterdam

Het boek Jacob A. Riis: Revealing New York’s Other Half (Yale University Press) is in de boekwinkel van Foam verkrijgbaar voor € 45.

Waardering: @@@@@@@@@@

Share