17de-eeuwse social networks en gigantische selfies

Recensie

De Hermitage toont een indrukwekkende selectie van topwerken uit het Rijksmuseum en Amsterdam Museum. De tentoonstelling Kijk ons nou! Hollanders van de Gouden Eeuw biedt ons een blik in de levens van de Amsterdamse gegoede burgerij in de zeventiende eeuw.

Door: Suzanne Sanders

Nicolaes Eliasz Pickenoy (1591-1653), Maaltijd van schutters van de compagnie van kapitein Jacob Backer en luitenant Jacob Rogh,1632, 198 x 531 cm, collectie Amsterdam Museum.

 

Centraal staan dertig spectaculair grote schuttersstukken waar leden van de schutterijen zichzelf op lieten vastleggen. Net als in de oorspronkelijke setting in de feestzaal van de kloveniersdoelen, hangen deze ‘broers en zussen van de Nachtwacht’ samen in één grote zaal. Vanwege hun formaat zijn ze zelden te zien en alleen al daarom is deze tentoonstelling een bezoek waard.

Op het vroegste paneel in de tentoonstelling, daterend uit 1529, portretteerde Dirck Jacobsz de leden van een rot (afdeling) van de kloveniersdoelen. De kloveniersdoelen, maar ook de iets minder vooraanstaande voet- en handboogdoelens, beschermden de stad en hadden dus een belangrijke publieke functie. Prominente leden waren trots op hun lidmaatschap en lieten zich graag in die hoedanigheid vastleggen. Het is waarschijnlijk het allereerste Nederlandse schuttersstuk ooit gemaakt.

Zaaloverzicht. Foto: Evert Elzinga.

 

In de zeventiende eeuw verdween het militaire karakter van de schutterijen grotendeels en werd het lidmaatschap vooral een erepositie. Schutterijen functioneerden vanaf dat moment vooral als sociale netwerken van succesvolle handelaren, bestuurders en hun families, waarin huwelijken fungeerden als zakelijke verbintenissen. De traditie van het bestellen van gezamenlijke portretten van zichzelf, waarop welvaart en weelde werden getoond in uitdossingen en banketten, werd enthousiast voortgezet.

De tentoonstelling licht vier verschillende ‘hoofdpersonen’ uit: Frans Banninck Cocq (1605-1655); Elizabeth Reael (1582-1644); Isaac Commelin (1598-1676) en Pieter Hasselaer (1582-1651). Aan de hand van hun achtergrond en plaats in het grote sociale netwerk van de Amsterdamse elite komen verschillende aspecten van het zeventiende-eeuwse leven in Amsterdam aan bod. Een opvallende functie van die elite was bijvoorbeeld de zorg voor en opvang van armen en behoeftige stadsgenoten. Ze nam het bestuur van de vele (naar zeventiende-eeuwse standaard) zeer goed georganiseerde zorg- en tuchtinstellingen op zich, ten behoeve van de sociale orde en ter stimulering van de economie.

Arent Arentsz Cabel (1585-1631), IJsvermaak op het IJ voor Amsterdam, ca 1621-22, 52,5 x 99 cm, collectie Amsterdam Museum.

 

In zaaltjes op de tweede verdieping biedt de expositie meer context. Thema’s als de relatief grote werkgelegenheid voor de middenklasse, de groeiende stad, reizen, feesten, ijspret, handel en het gezin komen daar aan bod. Hoewel deze thema’s er allemaal toe doen voor een compleet beeld van het zeventiende-eeuwse Amsterdamse leven, komt dit mij wat te ambitieus voor. Het illustreren van een onderwerp als slavernij of geloof is een beetje kort door de bocht met zo’n drie objecten in één zaaltje.

Toch slaagt de tentoonstelling er in een globale kijk te geven in de historische context van de schuttersstukken. Het doel om de bezoeker een spiegel voor te houden en analogieën en verschillen tussen het zeventiende-eeuwse leven en de hedendaagse (Amsterdamse) realiteit te laten ontdekken, spreekt tot de verbeelding. Bovendien toont de Hermitage ook nieuwe portretten van verschillende organisaties. En wie dat wil, kan, met behulp van een groen scherm, zelf plaatsnemen in zijn eigen ‘schuttersstuk’.

Kijk ons nou! Hollanders van de Gouden Eeuw, t/m eind 2016 in Hermitage Amsterdam

Waardering: @@@@@@@@@@

De portretten gingen door het dak (video)

Meer van Suzanne Sanders

Share