Stijlvol kleur in de hoofdrol in Kunsthal Kade

Recensie

Papoea’s schijnen in hun eigen taal geen woord voor kleur te kennen. Ironisch daarom dat enkelen van hen deel uitmaken van de tentoonstelling De Kleuren van De Stijl in Kunsthal Kade. Die honderd jaar geleden opgerichte kunstbeweging staat immers bekend om haar gebruik van kleur, de primaire varianten welteverstaan.

Tekst en foto’s: Evert-Jan Pol

Roy Villevoye (1960), Tjampoer, 1994, Mondriaanfons, langdurige bruikleen kunstenaar.

Kunstenaar Roy Villevoye fotografeerde de Papoea’s in Papoea-Nieuw-Guinea terwijl ze de drie primaire kleuren voor zich houden. De felle kleuren contrasteren sterk met het overwegend groene oerwoud, waar dergelijke tinten misschien alleen in sommige vogels en planten voorkomen.

In de wereld van Theo van Doesburg, Piet Mondriaan, Bart van der Leck en andere leden van De Stijl speelden rood, blauw en geel de hoofdrol. Samen met zwart, wit en grijs (officieel geen kleuren) gaven ze vorm aan de kunstwerken die vele kunstenaars na hen zouden inspireren.

De tentoonstelling in Amersfoort – Mondriaans geboortestad – toont aan dat hun invloed ver reikte, zowel in plaats als in tijd. Wie Barnett Newmans Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III ziet, denkt wellicht niet direct aan De Stijl. Toch is het overduidelijk dat het gigantische, overwegend rode doek een antwoord is op het werk van Van Doesburg en de zijnen; de titel zegt al genoeg. Het iconische werk uit de collectie van het Stedelijk Museum in Amsterdam kon hier dan ook niet ontbreken.

In De Kleuren van De Stijl draait het dus niet alleen om de kunstweging zelf, maar meer nog om haar erfenis. Behalve werk van Mondriaan en Stijlgenoten toont de expositie werk van kunstenaars die, net als hun De Stijl-collega’s, kleur belangrijker vonden dan vorm.

(Tekst gaat verder onder de foto’s)

Piet Mondriaan, Tableau No. XI, 1925 (links) en Compositie IV, 1926, beide collectie Kunstmuseen Krefeld.

Gerrit Rietveld, interieur voor Douglas DC 7, DC 8 en Lockheed Electra voor KLM, 1957-1958, collectie Het Nieuwe Instituut, Rotterdam.

Poul Gernes (1925-1996), Untitled, 1965, The estate of Poul Gernes, courtesy Galleri Bo Bjerggaard, Kopenhagen.

De expositie – onderdeel van themajaar Mondriaan to Dutch Design – opent nog met kenmerkende voorbeelden van de grondleggers van De Stijl. Er komen onder meer twee karakteristieke geometrische Mondriaans voorbij. En, toch enigszins verrassend, een door Gerrit Rietveld ontworpen interieur voor vliegtuigen van de KLM. Het is mooi dat de samenstellers niet alleen kozen voor de geijkte voorbeelden. Rietvelds overbekende roodblauwe stoel is er ook, maar dat kon bijna niet anders. Een reusachtige uitvoering staat namelijk even verderop in de openbare ruimte, te beklimmen door iedereen die dat wil.

Dit eerste deel van de expositie heeft door de soms grote lappen tekst over de verschillende leden veel weg van een geschiedenisles. Dit had iets minder gemogen, want dit hoofdstuk wordt zo wel heel grijs, geheel tegen de visie van De Stijl in. De verdere route biedt gelukkig minder tekst en veel meer kleur.

De eerder genoemde Newman heeft een hele wand tot zijn beschikking en een bijna vijf meter breed doek van Jasper Johns, grotendeels in de primaire kleuren, komt ook goed tot zijn recht aan een verder witte muur. De bezoeker kan de fraaie kleuren rustig op zich in laten werken.

Steven Aalders (1959), Phi Painting (Yellow, Blue), 2015, courtesy Slewe Gallery, Amsterdam.

Kunsthal Kade laat in dit De Stijl-jaar zien dat ook na De Stijl kunstenaars bleven nadenken over kleur. Robert Ryman houdt bijzonder veel van wit en Yves Klein had dan weer een sterke voorkeur voor blauw. Hij ontwierp zelfs een eigen variant en patenteerde die. Steven Aalders richt zich niet op één kleur, maar onderzoekt hoe twee verschillende tinten samengaan, met oogstrelende kleurduetten als resultaat.

De Kleuren van De Stijl, t/m 3 september in Kunsthal Kade, Amersfoort

Waardering: @@@@@@@@@@

Share