Johan Maelwael, hij die goed schildert

Recensie

Jean Malouel is ‘wereldberoemd’ in Frankrijk, Johan Maelwael niet zo in Nederland. Toch gaat het hier om dezelfde kunstenaar, die ook nog eens geldt als Nederlands eerste schilder. Het Rijksmuseum geeft hem eindelijk het podium dat hem toekomt.

Tekst: Evert-Jan Pol

Zaaloverzcht. Foto: Evert-Jan Pol.

Topstuk in de tentoonstelling is La Grande Pietà ronde uit het Louvre. In dat Parijse museum heeft het ruim zes eeuwen oude ronde schilderij een prominente plek in de Franse zaal. Niet zo gek misschien, want Maelwael (ca. 1370-1415) woonde iets minder dan de helft van zijn leven in Frankrijk.

In Dijon werkte hij bijna twintig jaar als hofschilder en kamerdienaar van Bourgondische hertogen. Hij beschilderde wimpels, banieren en militaire uitrustingen, ontwierp patronen voor stoffen, vervaardigde grote religieuze schilderingen, schiep verfijnde miniaturen in handschriften, voorzag beelden van goud en kleur en schilderde kleine devotiestukken en portretten.

(Tekst gaat verder onder de foto’s)

Johan Maelwael, La Grande Pietà ronde, ca. 1400, Musée du Louvre. Foto: Erich Lessing.

Claes Heynenoon, Wapenboek Gelre, ca. 1395, Koninklijke Bibliotheek Brussel.

Hoewel hij bijzonder productief was, zijn er slechts acht schilderijen van zijn hand bewaard gebleven. Toch bestaat de expositie in het Rijksmuseum uit zo’n vijftig objecten. De verhouding tussen werken van Maelwael en van anderen is daardoor nogal scheef, zeker voor een tentoonstelling die de naam van de schilder draagt. Je moet ze goed zoeken, wil je ze vinden.

Dat geschreven hebbende, kunnen we de tentoonstelling toch zeker aanraden. Al was het alleen maar omdat alle nog bekende Maelwaels zich normaal in het buitenland bevinden en niet heel vaak reizen. La Grande Pietà ronde bijvoorbeeld, verliet Parijs voor het laatst in 1962.

Gebroeders Van Limburg, Petites Heures_Bourges,_ca 1408, Bibliotheque nationale de France, Parijs.

Dat geldt ook veel andere aanwezige middeleeuwse kunstschatten, die samen een goed beeld schetsen van het vakmanschap van kunstenaars rond 1400. Onder wie de gebroeders Paul, Herman en Johan van Limburg, zonen van Maelwaels zus. Na introductie door hun oom Johan maakten ze naam als miniatuurschilders in Frankrijk.

In vitrines liggen enkele Franse getijdenboeken opengeslagen op pagina’s die duidelijk maken waarom de gebroeders zoveel succes genoten. Ze waren in staat om op slechts enkele centimeters wonderschone en gedetailleerde kunstwerken te maken. En dan ook nog eens zeer kleurrijk.

De gebroeders Van Limburg werkten net als hun oom en andere kunstenaars veelvuldig voor Bourgondische hoven. In opdracht van hertogen met tot de verbeelding sprekende namen als Filips de Stoute en Jan zonder Vrees. Zij omringden zich maar al te graag met prachtige kunst. En waren daarvoor bij Maelwael, zijn neven en anderen aan het perfecte adres. En dan zeker bij Johan Maelwael, zoals zijn toepasselijke achternaam al doet vermoeden: die betekent zoveel als ‘hij die goed schildert’. Diens aandeel in de tentoonstelling mag dan bescheiden zijn, het toont wel aan dat de schilder zijn naam eer aandeed.

Johan Maelwael, t/m 7 januari 2018 in de Philipsvleugel van het Rijksmuseum, Amsterdam

Waardering: @@@@@@@@@@

Share