Centraal Museum krijgt FC Utrecht-spandoek met Nijntje

Toen drie FC Utrecht-supporters in februari een spandoek maakten met daarop een huilende Nijntje, hadden ze niet verwacht dat hun creatie een museumstuk zou worden. Toch gebeurde dat gisteren, met de overhandiging ervan aan het Centraal Museum in Utrecht.

FC Utrecht eerde Dick Bruna door op 18 februari met rouwbanden om de Eredivisie-wedstrijd tegen PEC Zwolle te spelen, twee dagen na het overlijden van de beroemde Utrechtse kunstenaar. Ook supporters lieten zich niet onbetuigd. Met spuitbusverf schilderden Justin van den Eijnden, Tycho Oostendorp en Jeroen Heisen Nijntje met een traan op haar wang op een doek van circa 2 bij 1,5 meter.

Van links naar rechts: Martijn Standaart (commercieel directeur van FC Utrecht), Justin van den Eijnden, Bart Rutten, Tycho Oostendorp en Renger de Bruin (conservator stadsgeschiedenis Centraal Museum).

De drie FC Utrecht-supporters: “Als trouwe supporters van een echte volksclub dragen we Utrecht een warm hart toe. En Dick Bruna in het bijzonder, door zijn betekenis voor de stad. Hij heeft Utrecht wereldwijd op de kaart gezet.”

Bart Rutten, destijds nog werkzaam bij het Stedelijk Museum, maar inmiddels de kersverse directeur van het Centraal Museum zag het spandoek op televisie. En vond direct dat doek thuishoort in de museumcollectie. “Ik was getroffen door de emotie van de supporters over de dood van Dick Bruna”, aldus Rutten. “Het werd me duidelijk hoe sterk de band is tussen de Utrechtse bevolking en het icoon Nijntje.”

Rutten vindt de rol die massamedia spelen in de verbijzondering van alledaagse objecten interessant en daarmee van belang voor – in dit geval – de collectie stadsgeschiedenis. “Het spandoek is van culturele waarde, mede gezien de aandacht die het heeft gehad in de nationale media. Wat me aanspreekt is dat het mijn idee van Utrecht uitdraagt, een stad als ruwe bolster met blanke pit.”

Supporter Van Eijnden dacht in eerste instantie dat het een grapje was, toen hij hoorde dat het Centraal Museum aangaf het spandoek te willen opnemen in zijn collectie. “Maar toen we hoorden dat het serieus was, voelden wij ons erg vereerd. Niet alleen omdat onze naam erbij komt te staan, maar vooral omdat er in de media niet vaak positieve berichten staan over voetbalsupporters. Door de opname in de collectie is er eens een positief bericht over wat wij als supporters doen voor de club en voor de mensen die veel hebben betekend voor onze club en stad.”

Share