In het Museon
in Den Haag is sinds 5 maart de tentoonstelling Achter de kawat –
tekeningen van Charles Burki
te zien. De voorbereiding van deze expositie, die nog loopt tot en met
5 september, leidde tot een schenking van een schetsboekje van Charles
Burki (1909-1994).
Na
een verschrikkelijke zeereis naar Japan, waarbij Burki een torpedering
overleefde, kwam hij in kamp Fukuoka 14 terecht, nabij Nagasaki. Daar
ontmoette hij John Krabbendam, met wie hij een grote liefde voor
motoren deelde. Ze spraken avonden en soms nachten lang over hun
obsessie voor deze snelheidsduivels. Voor Burki waren deze gesprekken
de aanleiding om motoren te tekenen.
Hij had een schetsboekje gemaakt van een aantal vellen gebruikt
stencilpapier en dat in een kartonnen kaftje gebonden. Uit het blote
hoofd tekende Burki met grote precisie en oog voor detail het
hele schetsboekje vol met motoren, auto’s, driewielers en
zijspannen. Hij gaf het schetsboekje aan Krabbendam.
Na de atoombomexplosie op Nagasaki mochten de gevangenen vanwege het
stralingsgevaar bij hun vertrek niets meenemen. Toch lukte
het John Krabbendam om het boekje mee te smokkelen. Het stond meer dan
veertig jaar bij hem in de kast tot hij het bij een reünie van
oud-krijgsgevangenen aan Burki terug gaf. Nu is datzelfde schetsboekje
overgedragen aan het Museon. Het is tijdens de expositie Achter de
kawat in een speciale vitrine te bewonderen. Alle tekeningen zijn
gescand en op een beeldscherm te zien.