|
 |
 |
 |
| |
Maandag 19 juli
2010
Miró
en Jan Steen verenigd
Joan
Miró
(1893-1983) reisde in 1928 naar Nederland en bezocht onder meer het
Rijksmuseum. Twee interieurscènes van de zeventiende-eeuwse
Hollandse
meesters Hendrick Sorgh en Jan Steen inspireerden hem vervolgens tot
een reeks van drie schilderijen. Deze Hollandse interieurs
zijn nooit eerder samen getoond met de inspiratiebronnen. Tot nu
althans, want het Rijksmuseum brengt ze samen.

Als souvenir nam hij twee prentbriefkaarten mee naar huis:
kleurenreproducties van De luitspeler van Hendrick Martensz. Sorgh
(1661) en Kinderen leren een poes dansen (De Dansles) van Jan Havicksz.
Steen (c. 1660-1679). In beide schilderijen is een muzikant de centrale
figuur, geflankeerd door een of meerdere toehoorders en een poes en hond.
In de Hollandse interieurs voert Miró deze figuren zijn
eigen, surrealistische verbeeldingswereld binnen en laat de
scènes een complete metamorfose ondergaan. Met deze
‘creatieve kopieën’ sloot Miró
aan bij een lange traditie van kunstenaars die meesterwerken van
voorgangers opnieuw interpreteren en gebruiken als inspiratiebron voor
het creëren van nieuwe kunstwerken.
Anders dan zijn gewoonte om heel spontaan te werken, maakte
Miró vooraf een uitgebreide reeks schetsen en tekeningen.
Deze zijn samen met de prentkaarten en natuurlijk de schilderijen te
zien. Zo ontstaat er een uniek inzicht in de transformatie die
Miró de zeventiende-eeuwse voorbeelden liet ondergaan.
Miró & Jan Steen, 17 juni t/m 13 september in
Rijksmuseum Amsterdam
Terug
Foto links: Jan Steen, Kinderen leren een poes dansen (De Dansles), c.1660. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.
Foto rechts: Joan Miró, Dutch Interior II, 1928. Peggy
Guggenheim Collection, Venice © Successió Miró, c/o
Pictoright Amsterdam 2010.
© Evert-Jan Pol
|
|
| |
 |
 |
|
|
|